Wie had gedacht dat ik sta waar ik nu sta, een maand geleden? Welke idioot 2,5 maand geleden had gezegd dat ik nu al zo ver zou komen, had ik hartelijk uitgelachen.
In al die tijd dat ik opgenomen zit, is er veel veranderd. Lichamelijk gezien natuurlijk heel veel (ik word een dikkertje, haha), maar geestelijk gezien des te meer. Want ookal doe ik meestal leuk, lief en aardig, zo heb ik me jarenlang niet gevoeld. Sombere gevoelens, onzekerheid... Tuurlijk, dat hoort ook bij de puberteit, maar het liep de spuigaten uit.
Nu moet ik leren accepteren: leren accepteren dat het leven niet altijd leuk en gezellig is, leren accepteren dat ik mag zijn wie ik ben en dat mensen me daarom niet zomaar gaan verlaten, leren accepteren dat ik een goede toekomst mag hebben. En daar hoort bij dat ik meer opkom voor mezelf, meer mijn grenzen moet aangeven, volwassen moet worden. Hoe moeilijk ook. Dan is die stoornis een prima middel om me te verzetten tegen bijvoorbeeld het volwassen worden (niets lijkt fijner om klein te zijn en weg te duiken in de stoornis voor de Grote Boze Buitenwereld).
Nu echter niet meer. Ik wil me niet meer verschuilen voor een wereld die ook heel mooi kan zijn, die vol met ervaringen en avontuur zit. Het blijft natuurlijk doodeng omdat ik geheid zal vallen, mijn hart wel eens zal breken, een hoop dingen nog moet leren. Maar waarom zou ik voor altijd verstoppertje willen spelen met iets waar ik toch niet van kan winnen?
Daarom groei ik, letterlijk en figuurlijk. Daarom zet ik de behandeling door. Het gaat niet over rozen en de therapieën zijn zwaar (hoe vaak heb ik niet in tranen de handdoek in de ring willen gooien?), maar het levert me een hoop op. Het levert me het leven op.
zaterdag 14 mei 2011
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Wat zeg je dat mooi!
BeantwoordenVerwijderenxx Myrthe
Wauw! Da's heel knap dat je dat nu en op deze manier kan verwoorden! Ik hoop echt dat je dit door kan zetten =)
BeantwoordenVerwijderenSucces de komende periode, en dan vooral met je examens!